We zijn onderweg #40dagentijd

Dit jaar gaan we, als zusters van de Feminae Pacis, in de veertigdagentijd op weg met Dietrich Bonhoeffer*. Vanmorgen de eerste bijdrage: Alles wat nu gebeurt, is nog maar het voorlaatste. In tegenstelling tot het laatste, dat nog moet komen.

De richting van de weg is neergezet: het laatste.
En alles wat nu gebeurt is nog maar het voorlaatste.
Het voorlaatste is waar wij ons dagelijks druk om maken,
en dat vinden we best belangrijke dingen,
maar in het licht van waar we naar op weg zijn: het laatste,
is het voorlaatste vergankelijk en aards, niets.

De veertigdagentijd is een tijd om wat los te komen
van het voorlaatste waaraan we zo gehecht zijn,
om vrij te worden voor het laatste,
niet wetende wanneer dat zal zijn
– alleen Hij weet het uur,
voor ons is Hij die weg gegaan.

Een gezegende veertigdagentijd!

*Veertigdagentijd, onderweg met Dietrich Bonhoeffer, uitgever: Jongbloed

Zalig Kerstfeest en een gezegend nieuwjaar!

Alle lezers van mijn blog wens ik een goede opgang naar Kerstmis, zalig Kerstfeest en een gezegend nieuwjaar!

Het afgelopen jaar hebben jullie minder van mij gelezen. Door de studie theologie, die ik in de zomer hoop af te ronden, heb ik minder tijd om te bloggen. Ik hoop na mijn studie weer met grotere regelmaat iets te schrijven!

Laat nu het keerpunt zijn

De afgelopen dagen stond, naast Micha (2, 1-3, 12), de brief van Paulus aan de Filippenzen (1, 1-26) centraal:
Uit de Brief van Paulus aan de Filippenzen:

Ik dank mijn God altijd wanneer ik aan u denk, telkens wanneer ik voor u allen ​bid. Dat doe ik vol vreugde, omdat u vanaf de eerste dag tot nu toe hebt bijgedragen aan de verspreiding van het ​evangelieIk ben ervan overtuigd dat hij die dit goede werk bij u begonnen is, het ook zal voltooien op de ​dag van ​Christus​ ​JezusSommigen doen het weliswaar uit afgunst en rivaliteit, maar anderen verkondigen ​Christus​ met goede bedoelingen. Zij doen het uit ​liefde, in het besef dat ik de taak heb het ​evangelie​ te verdedigen. Maar wat doet het er eigenlijk toe! Wat telt is dat ​Christus​ verkondigd wordt. Of het nu uit valse of oprechte motieven gebeurt – dát het gebeurt verheugt me.’ (Filippenzen 1, 3-6.15-16.18)

Paulus heeft het over valse profeten, mensen die de Heer verkondigen om zelf beter van te worden. Paulus geeft aan dat we daar niet bang voor hoeven zijn. Het gaat er om dat Chistus wordt verkondigd. Tegelijkertijd moeten we waakzaam blijven en ons bewust zijn van het gegeven dat er valse profeten in ons midden zijn en om scherp te blijven naar onze eigen motieven bij het verkondigen van de blijde boodschap en daarbij niet onze eigen wil voor ogen te houden, maar de wil van God de Vader.

Vandaag werd ons Psalm 80 gegeven:

‘Laat nu het keerpunt zijn:
dat wij zoeken uw ogen
dat Gij zoekt ons gezicht.’

(H. Oosterhuis, in psalm 80 van 150 psalmen vrij)

Naar wie richt ik mijn oor?

We vervolgen de lezing uit Micha: ‘Houd op met dat geprofeteer! Komt er nooit een eind aan die beschimpingen? Zou dit het zijn wat het volk van Jakob is aangezegd? Verliest de HEER zo snel zijn geduld, zouden dit zijn daden zijn?’ Betekenen mijn woorden dan geen voorspoed voor wie de rechte weg gaat? Steeds weer stelt mijn volk zich vijandig op tegenover al wie vredelievend is. Nietsvermoedende, vreedzame voorbijgangers worden van hun mantel beroofd. Jullie verdrijven de vrouwen van mijn volk uit de huizen waarin zij gelukkig zijn. Jullie ontnemen hun kinderen voor altijd de luister waarmee ik hen heb bekleed. Sta op, ga weg, hier zul je geen rust vinden. Dit land is onrein, het brengt bederf en vreselijke vernietiging. 11Als er iemand was die niets dan wind en valse leugens verspreidt en profeteert: ‘Ik zie wijn en drank,’ dan zou dat voor dit volk de ware profeet zijn!’ (Micha 2, 6-11)

Zou dit het zijn wat het volk van Jakob is aangezegd? Verliest de HEER zo snel zijn geduld, zouden dit zijn daden zijn?’ Betekenen mijn woorden dan geen voorspoed voor wie de rechte weg gaat? (Micha 2, 7)

Micha zet de valse profeten tegenover de ware. Zou God dat werkelijk doen? Het roept bij mij de vraag op van de slang in het paradijs: heeft God werkelijk gezegd dat …? Naar wie richt ik mijn oor?

Degene die de rechte weg gaan hoeven niet te vrezen!

Sta op, ga weg, hier zul je geen rust vinden. Dit land is onrein, het brengt bederf en vreselijke vernietiging. (Micha 2. 10)

Sta op, ga weg en verlaat de weg van het onrecht. Laat het onreine land achter je en zie uit naar de ware profeet en zijn koninkrijk.

Micha houdt ons vandaag een keuze voor. Welke weg ga jij?

 

Het is voorbij!

‘Het is voorbij!’ zal men zeggen.

We zijn reddeloos verloren.

Ons erfdeel wordt verkwanseld,

het wordt ons ontnomen,

ons land onder afvalligen verdeeld.’ (Micha 2,4)

Als Feminae Pacis lezen we dit (kerkelijk) jaar volgens het leesrooster van het NBG.

De 1e zondag van de advent lezen we uit Micha 2, 1-5. We lezen hoe er een weeklacht wordt uitgesproken over de gewelddadige macht

hebbers. Een serieus begin dus! We mogen ons, ter voorbereiding op de komst van de Heer, bezinnen op hoe wij omgaan met onze macht of onmacht, hoe we omgaan met wat en wie er aan onze zorg is toevertrouwd. Er wordt ons aangezegd: het is voorbij!

Met de komst van Gods Zoon in onze wereld is het gedaan met de macht van de wetteloze, met de macht van de tiran, met de macht van de misbruiker van macht.

Het is voorbij, zal met de komst van de Mensenzoon, ook opgaan voor de slachtoffers van machtsmisbruik, de vertrapten en misbruikten. Voor hen is de redding nabij: gedaan zal het zijn met het onrecht waar jullie onder gebukt gaan.

Maar wee degene die zijn macht misbruikt… en waar sta ik?

Het is nog niet te laat. Kom tot inkeer! Een Redder is ons aangezegd!

 

Wij staan er niet alleen voor

Stille Zaterdag sta ik stil bij de dag van gisteren en waak bij het graf van Jezus.

Jezus zag op naar de hemel en bad.
Hij sliep niet, nee
waar wij slapen daar waakte Hij.
Gekroond met een doornenkroon
spottend bedoeld, ja
Koning is Hij door alle lijden heen.
Hij waakt over heel zijn volk
en gaf zijn leven voor mij.
Het kruis gedragen,
Zijn kruis – ons kruis  door Hem
gedragen. Een zware klus.
Wij staan er niet alleen voor.
En nu zijn we stil
lamgeslagen
maar niet zonder hoop.
Ik kom terug, zo heeft Hij ons beloofd,
leven sterken dan de dood.
Wij staan er niet alleen voor.

Kiezen voor het leven

Vandaag is aan ons de keuze: kies ik voor de dood of voor het leven? ‘Door de Heer uw God te beminnen, naar Hem te luisteren en aan Hem gehecht te blijven, kies je voor het leven. Want daarvan hangt het af, of gij zult leven en of gij lang zult wonen op de grond,die de Heer aan uw vaderen, aan Abraham, Isaak en Jakob onder ede heeft toegezegd.‘ (Deut. 30,20)

Wat is het leven?
Wat is echt leven?
Wat is levengevend voor mij?
En wat is moordend?
Wat beneemt mij het leven?

Het leven is niet dat mijn hart klopt, mijn hersens werken, dat ik biologisch gezien leef. Natuurlijk ook dat is leven, maar toch is dit het ook niet.
Echt leven heeft voor mij met mijn ziel te maken. Een levend lichaam kan een dode ziel dragen. Echt leven is een levend lichaam met een levende ziel.

Wat heeft mijn ziel nodig om te leven? Mijn antwoord op die vraag is: de liefde van God en van mensen. Ik hou van God en voel mij door Hem geliefd. Als je iemand lief hebt, dan luister je ook naar hem ekin dan vertel je hem wat jou bezighoud. Dat gaat ook op voor God. Hem liefhebben maakt dat je luistert naar en spreekt met Hem. Zo’n relatie is levengevend.

Het is het niet verbonden zijn, het niet gezien, niet gehoord worden, het niet geliefd zijn wat moordend is.

Kiezen voor het leven is God liefhebben, met heel je hart en heel je ziel, en vanuit die liefde naar Hem luisteren, en met Hem in gesprek gaan. Leven vanuit die relatie, die gehechtheid aan Hem.

Gods liefde en mijn liefde voor Hem sluiten de liefde van mensen niet uit, integendeel. God vraagt ons ook elkaar te beminnen. Zo leven is echt leven.

Tot lof van God!

Wend je tot de Heer!

‘Wend je tot de Heer!
Laat hij je verlossen,
laat hij je bevrijden,
hij houdt toch van je?’
(Psalm 22, 9)

Vandaag is het Aswoensdag, de eerste dag van de veertigdagentijd, op weg naar Pasen. Deze tijd is een tijd van inkeer, een tijd om ons tot de Heer te wenden, omdat Hij het is die ons verlossen en bevrijden zal uit liefde.

Ik wens jullie en mijzelf een goede en zegenrijke tijd. Ik laat mij dit jaar daarin ook aanspreken door Ignatius van Loyola, de stichter van de jezuïeten. Afgelopen week heb ik het boekje ‘Leven met Ignatius’ van Nikolaas Sintobin gelezen en de komende tijd wil ik ook enkele geestelijke oefeningen van Ignatius tot mij nemen.

Een gezegende veertigdagentijd! Laten wij ons wenden tot de Heer!

Jezus Messias: Hij is het!

Hij is het!
Niet ik ben de Messias
maar Hij die sterker is dan ik.

Hij is het!
En God sprak: Dit is Hem
ja, mijn Zoon, de Welbeminde.

Hij is het!
Die Ik heb uitverkoren
mijn Geest rust op Hem, mijn Dienaar.

Hij is het!
Gekomen om ons te redden
te bevrijden van alle kwaad.

God zij dank!
Dat Hij het is, gekomen om
ons te zien en redden. Jezus
Hij is het!

Wachtende zien wij uit … (9)

‘Meester, wat moeten wij doen?’ (Lc. 3, 12)

Meester, wat moeten wij doen?
Delen van wat je hebt, met wie niet heeft!
en doe wat je moet doen, eerlijk en rechtvaardig!

Meester, wat moeten wij doen?
Jezus verwijst de tollenaars terug naar zichzelf:
vorder niet meer dan wat je is opgedragen!

Meester, wat moeten wij doen?
Jezus verwijst de soldaten terug naar zichzelf:
pers niemand af, laat je niet omkopen en neem genoegen met je soldij!

Meester, wat moet ik doen?
Jezus verwijst terug naar mijzelf:
doe wat je te doen staat, eerlijk en rechtvaardig!
Jezus heeft het ons voorgedaan.
Leef je roeping uit, ieder op eigen wijze naar de roeping,
en deelt met elkander, dat iedereen genoeg heeft,
leef voor elkaar, dan zal er licht en vrede zijn.